De Lisser Poel, een water dat via de Haarlemmermeer en het IJ in open verbinding stond met de zee, lag achter ’t Huys Dever. Het viswater - er werd zelfs bot gevangen - werd verpacht aan de drie grote kerken van Leiden, de Pieterskerk, de Hooglandse Kerk en de Lieve Vrouwekerk. De opbrengst was onvoldoende, dus werd de poel in 1624 drooggelegd, beginnend met het verbinden van het eiland Roversbroek aan het vaste land. In de vijftiger jaren verrezen in de Poelpolder de eerste huizenblokken. Tegenwoordig is het voormalige eiland Roversbroek en de Poelpolder een woonwijk.






